De afgelopen weken stond participatie opnieuw centraal in mijn werk en leesvoer. Binnen de stedelijke antropologie is participatie een vast onderdeel: als onderzoeker doe je altijd mee met dat wat je onderzoekt. Je kunt jezelf nooit volledig buitensluiten. Participatie kwam ook terug in de teksten die de Venetiaanse curator Carlo Ratti gebruikte ter voorbereiding op zijn architectuurbiënnale. En tijdens de Dag van de Ruimtelijke Ordening kwam het onderwerp opnieuw ter sprake. Zelfs in het nieuws zag ik het terug. Waarom is participatie eigenlijk zo belangrijk?

Ik begin met een theoretisch fundament: het boek Staying with the Trouble van Donna Haraway uit 2016. Dit werk vormde een van de inspiratiebronnen voor de Venetiaanse expositie van Carlo Ratti. Haraway pleit voor een wereld waarin we loskomen van het kapitalisme en het antropoceen — de tijd waarin de mens centraal staat. Ze ziet alleen een leefbare toekomst voor zich als we leren participeren met ook het niet-menselijke leven. Een treffende en complexe uitspraak van haar is: “We become – with each other or not at all.”

Samen werken dus. Participeren. Dat kwam mooi tot uiting in een workshop tijdens de Dag van de Ruimtelijke Ordening op maandag 26 mei. In deze sessie deelde een provincie haar ervaringen met het opstellen van nieuw beleid in samenwerking met betrokkenen. Opvallend was dat er gaandeweg steeds meer vooraf vastgestelde kaders van de provincie boven tafel kwamen. De ruimte voor eigen inbreng van deelnemers werd daardoor merkbaar kleiner.

Tijdens de workshop bleef één vraag steeds harder door mijn hoofd galmen — een vraag die ik aan het begin al had gesteld: in hoeverre hebben de deelnemers aan dit participatietraject daadwerkelijk invloed op het beleid? Hebben ze beslissingsbevoegdheid? Het antwoord luidde dat participatie niet per se gelijkstaat aan beslissingsbevoegdheid; ook luisteren is een vorm van participeren.
Omdat ik aan mezelf durfde te twijfelen, besloot ik de definitie van participatie nog eens op te zoeken. Bij het Kennisknooppunt Participatie vond ik het volgende:
“Participatie is een proces waarbij individuen, groepen en organisaties invloed uitoefenen op en controle delen over collectieve vraagstukken, beslissingen of diensten die hen aangaan.”
En zie: invloed uitoefenen en controle delen — dat gaat duidelijk verder dan slechts luisteren.

Het belang van gehoord worden en mandaat hebben om beslissingen te nemen, bleek deze week op dinsdagochtend. Een voltallige ministerraad, inclusief vicepremiers en de premier, stond buitenspel in het besluitvormingsproces van Geert Wilders. Volgens vele bronnen waren zij hier verre van gelukkig mee. Het gaf hen een gevoel van onmacht en het idee geen controle of invloed te kunnen uitoefenen op een voor hen cruciaal proces.

Een leven zonder participatie, zonder gedeelde zeggenschap en controle, betekent dat besluiten over ons worden genomen. Deze week nam één persoon een ingrijpend besluit voor achttien miljoen mensen. Als dit in de politiek gebeurt, noemt Van Dale dat een ‘autocraat’. We zijn door het oog van de naald gekropen, want de stap van autocraat naar autocratie is slechts één opmerkzame 'a' minder en een angstige ‘ie’ erbij.

Dus: terug naar participatie. Alleen samen komen we tot inzichten, tot kennis en tot een wereld waarin we allen kunnen leven — mens, niet-mens, en alles wat we nog niet hebben gedefinieerd. In deze tijd zien we te veel voorbeelden van één persoon die denkt alleen het juiste te weten (en ja, het is tot nu toe altijd een ‘hij’). Dat levert zelden een betere wereld op — voor wie dan ook.

Daarom: participeren kunnen we leren — en doen we vaak al van nature.
Participeren betekent letterlijk meedoen, en vooral: mee mogen doen. Goede participatie zorgt ervoor dat ook zij die minder vaak hun stem laten horen, actief worden uitgenodigd om hun inbreng te geven. Het leidt tot een wereld waarin iedereen de ruimte krijgt om het leven te leiden op een manier die bij hem of haar past — zonder dat die ruimte ten koste gaat van een ander.
Participatie draait om insluiten, om samen doen, om samenwerken. Het vraagt ook om openstaan voor verandering, en om de bereidheid te leren van onze fouten. Want juist die fouten maken het mogelijk om beter te worden — samen.

Job Gerlings